19November2019

Follow Us!

Follow us on FacebookSubscribe to our Channel

Wat voel je? - of wat is gevoel?

Wat voel je? - of wat is gevoel?
Feel What? or What is Feel?

voor het eerst gepubliceerd in maart 1996, in The Trail Less Traveled.“
vertaling Inge Teblick

Om meer te leren over "gevoel", klik hier om een uittreksel uit het boek van Bill Dorrance en Leslie te lezen, "True Horsemanship Through Feel".

 

Voelen. Gevoel? Voelen!

"Gevoel," zeg je. "Wat moet ik voelen?"

"Het paard aanvoelen zodat het paard jou kan leren aanvoelen en zodat jullie twee kunnen samenwerken." Dat laat je waarschijnlijk in je haar krabben. Maar het is wel standaard-taal op clinics. Als je al een paar clinics hebt gevolgd en denkt dat je de enige bent die er "niks van begrepen heeft", wees gerust: dat ben je niet.

Wat gevoel is en wat het niet is...

Dit "gevoel"-ding tussen een paard en een mens is van alle tijden en beschikbaar voor iedereen. En als je het hard genoeg wil, dan zal je het vinden. Zeker is dat je paard het zal reflecteren naar jou toe vanaf het moment dat je het begint door te hebben. Meer nog: je paard staat nu op je te wachten om het uit te proberen.

Het is geen kant-en-klare oplossing en geen telepathisch abstract gegeven dat je zo uit de leesklassiekers haalt. het is geen magie, en het is geen mirakel, alleen voorbehouden aan sommige mensen die gezegend zijn met bijzondere talenten. "Paardenfluisteraars" bestaan niet.

Dus, wat is "gevoel"? Bill Dorrance noemt het "hoofdzaak" Ik zal het voor jullie in context zetten. "Omgaan met een paard is het belangrijkste in mijn leven en zorgen dat het paard kan terugvoelen... dat is de hoofdzaak," zei de toen 90-jarige Dorrance.

Dorrance is z'n hele leven bezig geweest met het aanvoelen van paarden - zo goed als een hele eeuw. Toen hij 4 was, hield hij zich bezig met het samendrijven van kippen gezeten op een houten stokpaardje. Samen met z'n broer reed hij tot z'n dood nog bijna elke dag, met lasso en paard. Dus, als hij zegt dat "gevoel" de hoofdzaakis, dan geloof ik hem.

Maar, waarom zegt hij dat?

Zonder aanvoelen van het paard, communiceert de ruiter met het paard met geweld - tot op het punt van weerstand. Op dat moment ontwikkelt de ruiter in het paard een tegenreactie: dat wat we meestal "spanning" noemen. De andere mogelijkheid is dat de ruiter de optie neemt om het paard uit te nodigen om te reageren - een beetje op dezelfde manier als de manier waarop je iemand die je niet kent maar heel erg bewondert zou benaderen.

Hoe het werkt.

Als iemand een paard vraagt om iets te doen, en hij presenteert dat verzoek in een geduldige verwachting, terwijl hij nauwlettend de reacties van het paard observeert, dan zal het paard welwillend meewerken -dat ligt nu eenmaal in z'n natuur - om te vinden hoe en waar de druk kan wegvallen. De mens moet alleen wachten, en uitkijken naar het moment waarop het paard de allerkleinste fysieke of psychische verandering toont, als antwoord op de druk. Die verandering hoeft niet meer te zijn dan het bewegen van een oor, een zachtere blik in z'n ogen, uitademen, of het verleggen van gewicht van het ene been naar het andere. Elk van deze antwoorden garanderen het onmiddellijke loslaten van de druk, waar of hoe dan ook die druk vandaan komt.

Als het paard dat loslaten krijgt, op het juiste moment en élke keer dat hij in de richting van het juste antwoord zoekt, zal hij daarna elke keer antwoorden op die manier die minder en minder druk vereist, en snellere en juistere resultaten halen. Wanneer dat gebeurt, begint er een band te groeien tussen mens en paard. Deze aanpak van het paard is een essentieel onderdeel van echt horsemanship. Het zal uiteindelijk de ruiter leiden tot het ultieme privilege: de ervaring van "wederkerig gevoel" met het paard.

Ik denk niet dat het mogelijk is voor een paard om echt vertrouwen te hebben in een mens zonder deze aanpak. Zonder vertrouwen gaat het er niet om of er iets fout zal gaan, maar alleen wanneer - onvermijdelijk. Wederkerig gevoel begint wanneer dwang en haast worden vervangen door geduld en het loslaten van druk bij de kleinste erkenning van intentie (voeten bewegen, voeten naar beneden, buig het lichaam, stop de voeten, wat dan ook). Dat is hoe een paard je leert terugvoelen en het is de manier waarop hij leert begrijpen wat de bedoeling is van je fysieke aanraking of aanwezigheid.

Dankzij het consequente, herhaalde oefenen van deze benadering zal een mens steeds meer het gewenste antwoord krijgen, en het zal minder en minder druk vragen, tot op een dag alleen maar een suggestie in de vorm van een nauwelijks voelbaar of zichtbaar fysiek gebaar voldoende is. Op die manier leert het paard met je samen te werken, vult het mee jouw agenda in en praat het met jou door wederkerig gevoel. Maar: alleen als het op zo'n manier wordt gepresenteerd dat hij er iets mee kan. En dat heb je zelf in handen.

Later, wanneer je timing meer en meer verfijnd wordt en je steeds beter kan observeren, zal een gedachte alles zijn wat je nodig hebt om te bereiken wat je wil. Misbruik van zweep, sporen of een harde hand zal vergeten worden, en da's gewoon logisch: ze bereiken nooit hetzelfde resultaat.

Direct en indirect gevoel

Het is heel belangrijk om gevoel te leggen in de manier waarop je je paard aanraakt, eender waar. Dat betekent dat je z'n fysieke lichaam direct en indirect aanraakt met je aanwezgheid, je stemming van de dag, je houding, je lichaamstaal, je geur en zelfs je bedoelingen. Het zijn allemaal dingen die je paard onthoudt, vanuit z'n knappe instinct om z'n omgeving nauwkeurig waar te nemen.

Het is niet zo dat je paard je gedachten kan lezen. Het is meer zo dat hij je met al z'n zintuigen aanvoelt, en dat hij reageert vanuit zijn perceptie van de realiteit

Het paard kiest ervoor om bij de mens te blijven - of om snel te vertrekken. Wanneer een paard een mens antwoordt door direct gevoel, dan is dat een reageren op de aanraking van je hand, net zoals op het halstertouw, teugels, borstels of eender wat je aan z'n lichaam hangt. En als je goed oplet, is z'n antwoord altijd heel duidelijk.

Het is ook de vrije keuze van het paard om van je weg te komen als hij vindt dat wat je hem presenteert offensief is. Het paard wil wel, of wil niet bij je zijn. Hij begrijpt je boodschap wel (wat Ray Hunt "het hart achter de hand" noemt) of begrijpt je niet.

hrs1 1aOp deze foto zijn zowel ruiters als paarden op zoek naar een beter alternatief. Op de voorgrond zie je dat de rechterteugel van de ruiter de mond van het paard opendwingt. Dit meisje bedoelt het niet slecht met het paard, en het paard, een oud betrouwbaar manegepaard, weet dat. maar de ogen van het paard rollen als om te zeggen: "Wat wil je eigenlijk van mij? Je wil dat ik voorwaarts ga, maar tegelijk hou je me tegen! Je trekt aan de teugel en tegelijk stampj je me je hiel in m'n zij? Wat wil je nu eigenlijk?" Hat paard op de achtergrond probeert van de druk in z'n mond weg te komen door erachter te kruipen, de kin zo dicht tegen de borstkast als mogelijk. De hielen van de ruiter drukken niet in het paard, maar toch is z'n hele gewicht over de schoft heen op de voorhand. De ruiter kijkt naar beneden, en z'n gewicht volgt die beweging. Dat maakt het bijzonder moeilijk voor het paard om de schouders vrij te maken en het gewicht op de achterhand over te brengen, zoals aan hem wordt gevraagd.
hrs1 1cAan de kant waar Red zich het comfortabelst voelt, toont Lotte Lu haar jonge leerling waar hij moet staan om zijn paard te vragen om zijn neus naar hem toe te draaien. Het doel van deze oefening is om de spanning uit hoofdaanzet en bovenkant van de nek te halen en naar links te laten draaien wanneer het kind het paard een gevoel naar links aanbiedt. Het paard zal sneller vooruitgaan aan zn moeilijke kant als hij eerst kan ondervinden hoe comfortabel hij kan voelen aan z'n goede kant.
hrs1 1dNadat hij Red succesvol heeft geleerd om los te laten aan de hoofdaanzet naar zijn gemakkelijke (linkse) kant, leert onze leerling nu hoe hij die rechterkant moet doen. Let op de spanning in het paard doorheen het hele paard: van hoofd naar schouder, ribbenkast, heupen en lendenen. Ook is de nek nog steeds afgebogen naar links, ook al kijkt z'n hoofd naar rechts. Hij probeert z'n hoofd wel rechts te geven, maar zit vast, en alleen z'n neus gaat naar rechts. Red werd pas veilig om te rijden op het moment dat hij met zachtheid kon buigen, vanaf z'n neus, doorheen z'n lichaam tot aan z'n voeten. Ieder die ooit eens heeft meegemaakt hoe een paard omvalt begrijpt het belang van de welwillendheid van een paard om naar beide zijden te plooien. Hij voelt wanneer en waar er druk wordt uitgeoefend. Hij voelt hoe snel en volledig de druk weer verdwijnt.